ECLI:NL:RVS:2016:3345
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vreemdelingenberoep afgewezen wegens onvoldoende bescherming tegen dreiging Taliban in Kabul
De vreemdelingen hadden een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd aangevraagd, welke door de staatssecretaris werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdelingen gegrond en vernietigde de besluiten, maar de staatssecretaris stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de bedreigingen door een neef van vreemdeling 2 als eergerelateerd geweld konden worden aangemerkt en dat de uitzonderingscategorie voor vrouwen die geweld vrezen niet van toepassing was. De bedreigingen richtten zich niet specifiek tegen vrouwen als zodanig.
Verder concludeerde de Raad dat ondanks de aanwezigheid van Taliban-activiteiten in Kabul, de vreemdelingen bescherming kunnen krijgen van de Afghaanse autoriteiten, omdat de Taliban niet aan de macht is in Kabul en de aanvallen zich richten op high profile doelen.
Het hoger beroep van de staatssecretaris werd gegrond verklaard, dat van de vreemdelingen ongegrond, en de uitspraak van de rechtbank vernietigd. De beroepen van de vreemdelingen werden ongegrond verklaard.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris is gegrond verklaard en dat van de vreemdelingen ongegrond, met vernietiging van de uitspraak van de rechtbank en ongegrondverklaring van de beroepen van de vreemdelingen.