ECLI:NL:RVS:2016:3496
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Kramer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Herziening Buitengebied 2015 voor onrechtmatige woonbestemming
De raad van de gemeente Loon op Zand stelde op 10 december 2015 het bestemmingsplan "Herziening Buitengebied 2015" vast. Tegen dit besluit stelden appellante sub 1 en appellant sub 2 beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Appellante sub 1 richtte haar beroep onder meer tegen artikel 3, lid 3.4.9 van de planregels, dat het gebruik van voormalige agrarische bedrijfswoningen voor woonfuncties regelt, en betoogde dat deze regeling onduidelijk en in strijd is met de Verordening ruimte 2014.
Appellant sub 2 voerde aan dat ten onrechte geen woonbestemming was toegekend aan een deel van zijn perceel en dat de raad onterecht weigerde een paardenstal te legaliseren. De Afdeling oordeelde dat het bestemmingsvlak "Wonen-1" op het perceel van appellant sub 2 terecht was vervallen als gevolg van een reactieve aanwijzing van het college van gedeputeerde staten en dat de weigering tot legalisatie van de paardenstal terecht was omdat deze niet voldeed aan het bestemmingsplan en overgangsrecht.
De Afdeling stelde vast dat artikel 3, lid 3.4.9 van de planregels strijdig is met artikel 7.7 van de Verordening ruimte 2014, omdat het gebruik van voormalige agrarische bedrijfswoningen als burgerwoning mogelijk maakt zonder de vereiste voorwaarden zoals het voorkomen van splitsing in meerdere woonfuncties en sloop van overtollige bebouwing. Daarom werd dit artikel vernietigd en het beroep van appellante sub 1 gegrond verklaard. Het beroep van appellant sub 2 werd ongegrond verklaard. Daarnaast werd de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellante sub 1 en werd de raad opgedragen het vernietigde onderdeel binnen vier weken te verwerken in het elektronisch vastgestelde plan.
Uitkomst: Artikel 3, lid 3.4.9 van het bestemmingsplan Herziening Buitengebied 2015 wordt vernietigd wegens strijd met de Verordening ruimte 2014; beroep van appellante sub 1 gegrond, beroep van appellant sub 2 ongegrond.