ECLI:NL:RVS:2016:35
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek verwijdering gegevens uit Herkenningsdienst Systeem
Appellant verzocht de korpschef om verwijdering van zijn gegevens uit het Herkenningsdienst Systeem (HKS), specifiek de classificatie 'vuurwapengevaarlijk' gebaseerd op een antecedent van 1994 met een bewaartermijn van 15 jaar. De korpschef wees dit verzoek af omdat er latere antecedenten zijn geregistreerd, waaronder een van 2011 met een bewaartermijn van 30 jaar, waardoor de bewaartermijn telkens opnieuw aanvangt.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat de classificatie noodzakelijk is voor het doel van het register, namelijk het waarborgen van de veiligheid van politie bij contacten met appellant. Appellant stelde in hoger beroep dat de bewaartermijn niet opnieuw had mogen beginnen omdat latere antecedenten niet soortgelijk waren en dat de classificatie gezien zijn jeugdige leeftijd en het tijdsverloop niet meer ter zake dienend was.
De Raad van State verwierp deze argumenten. Het Privacyreglement laat niet toe dat alleen soortgelijke delicten de bewaartermijn verlengen en de classificatie is essentieel voor de politietaak. Gezien de recente antecedenten en het belang van de classificatie, is het besluit tot afwijzing van het verzoek tot verwijdering terecht. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot verwijdering van gegevens uit het HKS bevestigd.