ECLI:NL:RVS:2016:419
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- N. Verheij
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtsgevolgen besluit niet in behandeling nemen asielaanvraag minderjarige vreemdeling
De vreemdeling diende op 25 mei 2015 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris verzocht de Italiaanse autoriteiten om overname van de behandeling, maar deze reageerden niet binnen de wettelijke termijn, waardoor zij verantwoordelijk werden. De staatssecretaris besloot daarop op 10 december 2015 de aanvraag niet in behandeling te nemen.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen dit besluit gegrond en vernietigde het besluit, omdat de garantie van gezamenlijke opvang met zijn meerderjarige zus onvoldoende was gebleken. De staatssecretaris stelde hoger beroep in en voerde aan dat de vreemdeling inmiddels meerderjarig was, waardoor de garantie niet meer vereist was.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte niet had bepaald dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit geheel in stand blijven. Gezien de meerderjarigheid van de vreemdeling en het ontbreken van andere geslaagde beroepsgronden, werd het hoger beroep gegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd. De rechtsgevolgen van het besluit van 10 december 2015 blijven daarmee volledig van kracht. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €496.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van het besluit van 10 december 2015 blijven geheel in stand en de aanvraag asiel is terecht niet in behandeling genomen.