ECLI:NL:RVS:2016:436
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel na hoger beroep staatssecretaris
Bij besluiten van 24 maart 2015 wees de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdelingen stelden beroep in bij de rechtbank Den Haag, die de besluiten vernietigde en de staatssecretaris opdroeg nieuwe besluiten te nemen. De staatssecretaris ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep kennelijk ongegrond is en bevestigde het vonnis van de rechtbank. Daarbij werd overwogen dat de omstandigheden waaronder de Italiaanse autoriteiten gezinnen met minderjarige kinderen opvangen voldoen aan de eisen van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, mede gelet op rapportages van internationale instanties. De voorzieningen voor de vreemdelingen en hun minderjarige kinderen zijn voldoende, ondanks een beperkte opvangcapaciteit.
De Afdeling bepaalde dat de rechtsgevolgen van de vernietigde besluiten geheel in stand blijven en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdelingen. Hiermee werd het hoger beroep van de staatssecretaris afgewezen en bleef de afwijzing van de verblijfsvergunningen gehandhaafd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het vonnis van de rechtbank en handhaaft de afwijzing van de verblijfsvergunningen asiel.