ECLI:NL:RVS:2016:458
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W. Sorgdrager
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bestuursdwang wegens onvoldoende zorgvuldigheid bij telefonisch horen
Het college van burgemeester en wethouders van Deventer had op 28 juli 2015 spoedeisende bestuursdwang toegepast wegens het onjuist aanbieden van huishoudelijk afval door appellant. De kosten van deze bestuursdwang werden op appellant verhaald. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, waarbij het college hem telefonisch hoorde. Appellant stelde dat hij niet begreep dat dit telefoongesprek als hoorzitting gold en dat het horen niet zorgvuldig was verlopen.
De Raad van State oordeelde dat het telefonisch horen niet met de vereiste zorgvuldigheid was geschied, omdat appellant niet duidelijk was geïnformeerd dat het telefoongesprek het hoorrecht verving en het tweede telefoongesprek niet op een afgesproken tijdstip plaatsvond en geen inhoudelijke behandeling van het bezwaar bevatte. Hierdoor was het besluit van 1 september 2015 in strijd met artikel 7:2, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht en werd het vernietigd.
Desondanks bleef de Raad van State bij de beoordeling dat appellant de overtreding had begaan door afval buiten de toegestane inzameltijden aan te bieden, en dat de kosten van bestuursdwang terecht op hem werden verhaald. De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit bleven daarom in stand. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht aan appellant.
Deze uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige communicatie en correcte toepassing van het hoorrecht bij bestuursrechtelijke procedures, zonder dat dit afdoet aan de inhoudelijke rechtmatigheid van het bestuursdwangbesluit.
Uitkomst: Het besluit van 1 september 2015 wordt vernietigd wegens onzorgvuldig telefonisch horen, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.