ECLI:NL:RVS:2016:520
Raad van State
- Hoger beroep
- S.F.M. Wortmann
- F.C.M.A. Michiels
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Herroeping schorsing rijbewijs wegens onvoldoende bewijs ernstig gestoord gedrag
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) legde aan [wederpartij] een onderzoek naar rijgeschiktheid op en schorste zijn rijbewijs op grond van vermoedens van ernstig gestoord inzicht of gedrag door dagelijks cannabisgebruik en het bezit van een gebruikershoeveelheid softdrugs.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het dagelijks gebruik van wiet en het bezit van 22,7 gram softdrugs onvoldoende bewijs vormen voor ernstig gestoord gedrag en vernietigde het besluit tot schorsing. Het CBR ging in hoger beroep en stelde dat het vermoeden van ongeschiktheid voldoende is voor het opleggen van een onderzoek en dat dagelijks cannabisgebruik kan duiden op misbruik of afhankelijkheid.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het CBR terecht een onderzoek mocht opleggen op grond van het vermoeden van ernstig gestoord inzicht of gedrag, maar dat er onvoldoende aanwijzingen waren voor het schorsen van het rijbewijs. Daarom werd het besluit tot schorsing vernietigd en het besluit tot oplegging van het onderzoek gehandhaafd.
De uitspraak van de voorzieningenrechter werd vernietigd, het beroep van [wederpartij] tegen het besluit van 12 maart 2015 werd gegrond verklaard voor zover het de schorsing betrof, en het besluit van 22 december 2014 werd herroepen voor zover het de schorsing betrof. Tevens werd het CBR veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het onderzoek naar rijgeschiktheid wordt gehandhaafd, maar de schorsing van het rijbewijs wordt vernietigd en het besluit herroepen.