ECLI:NL:RVS:2016:521
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing naturalisatieverzoek wegens ernstige vermoedens gevaar openbare orde
De staatssecretaris heeft het verzoek van appellant om het Nederlanderschap te verkrijgen afgewezen op grond van ernstige vermoedens dat appellant een gevaar vormt voor de openbare orde. Dit besluit werd bevestigd door de rechtbank Noord-Holland, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Appellant betoogde dat een verdenking zonder dagvaarding niet tot afwijzing mocht leiden, verwijzend naar de wetsgeschiedenis van de Rijkswet op het Nederlanderschap. De Afdeling overwoog dat op het moment van het besluit een strafzaak tegen appellant openstond en dat er serieuze verdenkingen waren op grond van een proces-verbaal en een uittreksel van de Justitiële documentatiedienst.
De Afdeling stelde vast dat de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap als toetsingskader geldt en dat het ontbreken van een dagvaarding niet uitsluit dat sprake is van serieuze verdenkingen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het naturalisatieverzoek bevestigd wegens serieuze verdenkingen van een misdrijf.