ECLI:NL:RVS:2016:533
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning uitbreiding veehouderij wegens onvoldoende stikstofbeoordeling
Het college van gedeputeerde staten van Utrecht verleende op 12 september 2014 een vergunning voor het wijzigen en uitbreiden van een veehouderij aan een locatie te Lunteren. Tegen dit besluit en het daaropvolgende besluit op bezwaar werd beroep ingesteld door de Coöperatie Mobilisation for the Environment U.A. en de Vereniging Stedelijk Leefmilieu, Groen- en Milieubeheer.
Het college stelde dat de stikstofdepositie in de aangevraagde situatie afnam of niet toenam ten opzichte van de referentiesituatie en dat daardoor significante gevolgen voor Natura 2000-gebieden in Utrecht konden worden uitgesloten. De Raad van State oordeelde echter dat het college ten onrechte een vaste grenswaarde van 0,051 mol N/ha/jr als verwaarloosbaar aanmerkte zonder objectief verifieerbare gegevens. Hierdoor was niet verzekerd dat de natuurlijke kenmerken van de Natura 2000-gebieden niet werden aangetast.
De Afdeling bestuursrechtspraak verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit voor zover het de vergunning krachtens artikel 19d van de Nbw 1998 betreft en bepaalde dat het college binnen zes maanden een nieuw besluit op bezwaar moet nemen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het college van gedeputeerde staten van Utrecht wordt vernietigd wegens strijd met artikel 19g Nbw 1998 en het college moet een nieuw besluit nemen.