ECLI:NL:RVS:2016:670
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging handhavingsbesluit overkapping zonder omgevingsvergunning in Laren
Het college van burgemeester en wethouders van Laren had een last onder dwangsom opgelegd om een zonder omgevingsvergunning gebouwde carport op het voorerf van een perceel te verwijderen. Deze carport was een houten constructie met plat dak en één wand, bedoeld als overkapping voor een voertuig. Het college stelde dat geen concreet zicht op legalisatie bestond omdat de carport als overkapping en bijgebouw werd aangemerkt volgens het bestemmingsplan, terwijl de appellant betoogde dat het bouwwerk slechts een bouwwerk, geen gebouw zijnde, was.
De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard, maar de Raad van State oordeelde anders. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de carport niet als bijgebouw kon worden aangemerkt omdat het geen gebouw was, en daarmee niet viel onder de definitie van overkapping in het bestemmingsplan. De carport voldeed aan de planregels voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met een maximale hoogte van 3 meter.
De Raad van State vernietigde het besluit van het college en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond en bepaalde dat legalisatie mogelijk is indien een aanvraag omgevingsvergunning wordt ingediend. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het handhavingsbesluit en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd en legalisatie van de carport is mogelijk onder het bestemmingsplan.