ECLI:NL:RVS:2016:745
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vaststelling ongeloofwaardigheid asielverzoeken en vernietiging uitspraak rechtbank
Bij onderscheiden besluiten van 11 september 2014 heeft de staatssecretaris aanvragen van twee vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van vreemdeling 2 gegrond en dat van vreemdeling 1 ongegrond. Beide partijen en de staatssecretaris stelden hoger beroep in.
De Raad van State oordeelde dat de asielrelazen van beide vreemdelingen ongeloofwaardig zijn vastgesteld. De rechtbank had echter onvoldoende gemotiveerd waarom vreemdeling 2 bij terugkeer geen reëel risico zou lopen op een schending van artikel 3 EVRM Pro. De staatssecretaris voerde aan dat de brieven van de Yemeni Women Union onvoldoende betrouwbaar en objectief waren.
De Raad van State stelde vast dat de bronnen in de brieven vaag en onvoldoende onderbouwd waren en dat het risico voor vreemdeling 2 direct samenhing met de ongeloofwaardige relatie met vreemdeling 1. Daarom vernietigde de Raad de uitspraak van de rechtbank voor vreemdeling 2 en verklaarde het beroep van vreemdeling 2 alsnog ongegrond. Het hoger beroep van vreemdeling 1 en het incidenteel hoger beroep van vreemdeling 2 werden eveneens ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van vreemdeling 2 wordt alsnog ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.