ECLI:NL:RVS:2016:770
Raad van State
- Wraking
- M.G.J. Parkins-de Vin
- A.B.M. Hent
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen staatsraad wegens vermeende onpartijdigheid
Tijdens de openbare zitting op 3 maart 2016 verzocht een partij om wraking van een staatsraad die betrokken was bij de behandeling van twee bestuursrechtelijke zaken. De verzoeker stelde dat de staatsraad niet onpartijdig kon zijn vanwege zijn collegiale relatie met een andere staatsraad die volgens de verzoeker onzorgvuldig had gehandeld en wijzigingen had aangebracht in proces-verbalen.
De staatsraad berustte niet in het wrakingsverzoek. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft de verzoeker op 16 maart 2016 gehoord, terwijl de staatsraad geen gebruik maakte van het recht om gehoord te worden. De Afdeling oordeelde dat het betoog van de verzoeker een algemene stelling betrof die niet specifiek op de betrokken staatsraad was gericht en daarom niet kon leiden tot toewijzing van het wrakingsverzoek.
De Afdeling concludeerde dat er geen feiten of omstandigheden waren die de rechterlijke onpartijdigheid van de staatsraad konden aantasten en wees het verzoek af. De beslissing werd uitgesproken op 21 maart 2016 door de voorzitter en leden van de Afdeling bestuursrechtspraak.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de staatsraad wordt afgewezen wegens gebrek aan feiten die de onpartijdigheid aantasten.