ECLI:NL:RVS:2016:771
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.C. Kranenburg
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten college Roermond over planschadevergoeding wegens gebrekkige motivering
Het college van burgemeester en wethouders van Roermond kende appellant A aanvankelijk een planschadevergoeding van €45.000 toe. Na bezwaar en meerdere besluiten handhaafde het college dit bedrag, waarna appellant A beroep instelde bij de rechtbank Limburg. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Appellant A stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de besluiten van het college van 8 februari 2012 en 11 november 2014 niet zorgvuldig waren voorbereid en onvoldoende waren gemotiveerd, in strijd met de artikelen 3:2 en 7:12 van de Algemene wet bestuursrecht. Daarom vernietigde de Afdeling deze besluiten en verklaarde het hoger beroep gegrond. Het college had uiteindelijk bij besluit van 10 november 2015 het bezwaar van appellant A gedeeltelijk gegrond verklaard en de vergoeding verhoogd naar €60.000.
Appellant A heeft zich met dit besluit kunnen verenigen, waardoor het beroep tegen dit besluit als ingetrokken geldt. De Afdeling veroordeelde het college tevens tot vergoeding van de proceskosten van appellant A en B, inclusief griffierecht, met betaling aan één van hen bevrijdend voor de ander.
De uitspraak werd gedaan door voorzitter Van Altena en leden Kranenburg en Verheij, op 23 maart 2016.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt de besluiten van het college van Roermond wegens onvoldoende zorgvuldige voorbereiding en motivering en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten.