ECLI:NL:RVS:2016:793
Raad van State
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete wegens illegale omzetting zelfstandige woonruimte naar onzelfstandige woonruimte zonder vergunning
Appellant is eigenaar van een woning in Utrecht die hij verhuurt. Het college legde hem een bestuurlijke boete op omdat de woning was omgezet van zelfstandige naar onzelfstandige woonruimte zonder de vereiste omzettingsvergunning, in strijd met de Huisvestingswet en de regionale huisvestingsverordening.
De boete werd opgelegd na een controle op 20 november 2013 waaruit bleek dat drie personen zonder duurzame gemeenschappelijke relatie in de woning verbleven, waarbij kamers aan verschillende personen werden verhuurd. Appellant voerde aan dat sprake was van een hospitasituatie, waarbij een hoofdhuurder meer dan 50% van de woning gebruikt en kamers verhuurt aan maximaal twee personen.
De Raad van State oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de situatie voldeed aan de hospitasituatie. De hoofdhuurder stond niet meer ingeschreven op het adres, huurders betaalden rechtstreeks aan appellant en niet aan de hoofdhuurder, en de huurovereenkomsten strookten niet met de feitelijke situatie. De rechtbank en het college mochten daarom terecht concluderen dat sprake was van kamergewijze verhuur zonder vergunning.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De bestuurlijke boete van € 5000,- wegens illegale omzetting van zelfstandige naar onzelfstandige woonruimte zonder vergunning wordt bevestigd.