ECLI:NL:RVS:2016:881
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- C.J. Borman
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging negatief bindend studieadvies na onvoldoende portfolio-opdracht bij politieacademie
Appellant volgde sinds mei 2012 de opleiding Basis politiemedewerker 2.0 aan de School voor Politiekunde, onderdeel van de Politieacademie. Tijdens onderwijsperiode 4 in het tweede leerjaar behaalde appellant een onvoldoende voor een portfolio-opdracht over vermogensdelicten, die na herkansing opnieuw onvoldoende werd beoordeeld. Het hoofd van de opleiding gaf daarop op 14 juni 2014 een negatief bindend studieadvies af.
Het college van bestuur verklaarde het bezwaar van appellant tegen dit besluit ongegrond en ook de rechtbank Gelderland wees het beroep af. Appellant stelde dat hij tot het einde van onderwijsperiode 6 de opdracht had mogen inleveren en dat het college ten onrechte geen herkansing meer toestond. Tevens voerde hij aan onvoldoende begeleiding te hebben gehad van zijn regiedocent.
De Raad van State oordeelde dat de onderwijs- en examenregeling (OER) geen verplichting bevat om in de laatste week van een onderwijsperiode nog herkansingen toe te staan. Het college had een redelijke termijn gesteld tot 11 mei 2014, wat door appellant was geaccepteerd. De Raad verwierp het betoog over onvoldoende begeleiding omdat appellant dit niet concreet had onderbouwd en stelde vast dat appellant zelf verantwoordelijk was voor tijdige aanvang van de herkansingsopdracht.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het negatieve bindend studieadvies en wijst het hoger beroep af.