ECLI:NL:RVS:2017:1001
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing toevoeging rechtsbijstand bij buiten behandeling laten bijstandsaanvraag
Bij besluit van 5 oktober 2015 wees de raad de aanvraag van appellante om een toevoeging voor rechtsbijstand af, omdat het betrof een procedure over het buiten behandeling laten van haar bijstandsaanvraag wegens het niet verstrekken van gevraagde gegevens. De raad oordeelde dat dit een feitelijk geschil betrof waarbij een advocaat niet noodzakelijk was, en dat appellante zelf of met hulp van derden het bezwaar kon voeren.
Appellante stelde dat er wel sprake was van een inhoudelijk juridisch verweer en dat de rechtbank ten onrechte haar beroep ongegrond verklaarde. Zij verwees naar jurisprudentie en het advies van het Juridisch Loket en de gemeente Eindhoven, die stelden dat deze zaken juridisch complex zijn en een advocaat vereisen.
De Raad van State overwoog dat de raad beoordelingsvrijheid heeft bij het toepassen van de Wet op de rechtsbijstand en de daaraan verbonden werkinstructies. De rechtbank had terecht geoordeeld dat het geschil feitelijk van aard was en dat het niet aannemelijk was gemaakt dat een advocaat noodzakelijk was. De enkele doorverwijzing door het Juridisch Loket of de gemeente was niet doorslaggevend voor het verlenen van een toevoeging.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de toevoeging voor rechtsbijstand bevestigd.