ECLI:NL:RVS:2017:1139
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Molenvlietpark eo wegens onvoldoende regeling overgangsrecht woningen
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het beroep van twee eigenaren tegen het bestemmingsplan "Molenvlietpark eo" gegrond verklaard. De raad van de gemeente Den Haag had het plan vastgesteld zonder een adequate regeling te treffen voor het gebruik van twee woningen op het plandeel met bestemming "Sport" en aanduiding "manege".
De Afdeling oordeelde dat de raad het beroep op het overgangsrecht door de eigenaren onvoldoende had beoordeeld. Voor woning [locatie 1] werd niet aannemelijk geacht dat deze op de peildatum 29 september 1992 als burgerwoning werd gebruikt, waardoor de bestemming als bedrijfswoning terecht bleef. Voor woning [locatie 2] was het gebruik als burgerwoning op die datum wel vastgesteld, maar de raad had ten onrechte geoordeeld dat het overgangsrecht door latere plannen was komen te vervallen.
De Afdeling stelde vast dat het gebruik van woning [locatie 2] onder het overgangsrecht van het bestemmingsplan "Molenvlietpark eo" valt, maar dat de raad geen maatwerkbestemming had getroffen om het legale gebruik te waarborgen. Omdat niet aannemelijk was dat het gebruik binnen de planperiode zou eindigen, was het ontbreken van een adequate regeling strijdig met de Algemene wet bestuursrecht. De Afdeling vernietigde daarom beide besluiten en gaf de raad de opdracht binnen 26 weken een nieuw besluit te nemen.
Uitkomst: Het bestemmingsplan Molenvlietpark eo wordt vernietigd voor het onvoldoende regelen van het gebruik van twee woningen onder het overgangsrecht en de raad wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.