ECLI:NL:RVS:2017:1158
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing huurtoeslag 2010-2012 en niet-ontvankelijkheid hoger beroep 2013
Appellant heeft huurtoeslag met terugwerkende kracht aangevraagd voor de jaren 2010, 2011 en 2012, welke door de Belastingdienst/Toeslagen is afgewezen vanwege overschrijding van de aanvraagtermijn. Voor het jaar 2013 werd huurtoeslag toegekend, maar met een lagere rekenhuur dan opgegeven door appellant. De rechtbank verklaarde het beroep tegen de afwijzing voor 2010-2012 ongegrond en het beroep tegen de 2013-beschikking gegrond.
In hoger beroep richt appellant zich in algemene termen tegen de uitspraak voor 2010-2012 zonder concrete gronden te geven. De Afdeling oordeelt dat appellant onvoldoende onderbouwing heeft gegeven om het oordeel van de rechtbank te weerleggen en verklaart het hoger beroep voor deze jaren ongegrond.
Met betrekking tot 2013 is het hoger beroep niet-ontvankelijk omdat appellant geen belang heeft bij vernietiging van de uitspraak zonder dat de Belastingdienst een nieuw besluit heeft genomen. Ook is niet gebleken dat appellant de dienst in gebreke heeft gesteld conform de Algemene wet bestuursrecht.
De Afdeling bevestigt daarmee de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep voor 2010-2012 af, en verklaart het hoger beroep voor 2013 niet-ontvankelijk. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep voor 2010-2012 wordt ongegrond verklaard en voor 2013 niet-ontvankelijk verklaard; de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.