ECLI:NL:RVS:2017:1203
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- A.B.M. Hent
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bestendiging rechtsgevolgen vernietigde besluiten verblijfsvergunning asiel
Bij besluiten van 18 augustus 2016 had de staatssecretaris aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen. De rechtbank Den Haag vernietigde deze besluiten en bepaalde dat de staatssecretaris nieuwe besluiten moest nemen.
Zowel de vreemdelingen als de staatssecretaris gingen in hoger beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het hoger beroep van de vreemdelingen kennelijk ongegrond was omdat hun argumenten onvoldoende waren onderbouwd. De staatssecretaris stelde dat de rechtbank ten onrechte de rechtsgevolgen van de vernietigde besluiten niet in stand had gelaten.
De Afdeling bevestigde dat de rechtbank onterecht de rechtsgevolgen van de vernietigde besluiten niet in stand had gelaten en bepaalde dat deze rechtsgevolgen volledig in stand blijven. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten ten behoeve van de vreemdelingen.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van de vernietigde besluiten van 18 augustus 2016 blijven volledig in stand.