ECLI:NL:RVS:2017:1244
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onttrekking wegdeel Middenzwet aan openbaar verkeer in belang van verkeersveiligheid
Het college van burgemeester en wethouders van Westland besloot op 22 juli 2014 een gedeelte van de Middenzwet in Wateringen aan het openbaar verkeer te onttrekken, in verband met de aanleg van een rotonde en het verbeteren van de verkeersveiligheid. Tegen dit besluit maakte een nabijgelegen glastuinbouwonderneming bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. De rechtbank bevestigde dit besluit in juni 2016, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Raad van State.
De appellant voerde aan dat het besluit disproportioneel was en dat geen verkeersonderzoek ten grondslag lag aan het onttrekkingsbesluit. Een memo van DTV Consultants concludeerde dat het kruispunt Middenzwet-N222 volgens CROW-richtlijnen was ingericht en dat het opheffen van de aansluiting niet noodzakelijk was voor de verkeersveiligheid, hoewel het wegnemen van een kruising veiliger is dan het behouden ervan.
De Raad van State overwoog dat het bevoegd gezag beleidsruimte heeft bij het onttrekken van een weg aan het openbaar verkeer en dat de belangen zorgvuldig zijn afgewogen. De alternatieve ontsluiting via de nieuwe rotonde is volwaardig en de appellant wordt niet disproportioneel getroffen. Het hoger beroep is ongegrond en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het besluit tot onttrekking van een deel van de Middenzwet aan het openbaar verkeer en verklaart het hoger beroep ongegrond.