ECLI:NL:RVS:2017:1411
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H. Troostwijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en afwijzing beroep vreemdeling tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 3 februari 2017 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank, die het beroep gegrond verklaarde en het besluit vernietigde. De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling beoordeelde onder meer de aanwijzing van Algerije als veilig land van herkomst en concludeerde dat deze terecht is gebeurd. Er geldt een algemeen rechtsvermoeden dat Algerije veilig is, waardoor de vreemdeling een hoge bewijslast heeft om het tegendeel aannemelijk te maken. De Afdeling oordeelde dat de staatssecretaris voldoende heeft gemotiveerd dat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij in zijn specifieke omstandigheden geen bescherming kan krijgen van de Algerijnse autoriteiten.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen het besluit van 3 februari 2017 ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van zijn verblijfsvergunning asiel wordt ongegrond verklaard.