ECLI:NL:RVS:2017:1531
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig besluit asielaanvraag
De vreemdeling had beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag. De rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat het hoger beroep voldoet aan de formele vereisten van de Vreemdelingenwet 2000, maar dat dit niet leidt tot vernietiging van de eerdere uitspraak. De Afdeling verwees naar een eerdere uitspraak waarin is bepaald dat artikel 3:42 van Pro de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de bekendmaking van het WBV 2016/3.
Omdat het aangevoerde geen vragen opriep die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming, werd het hoger beroep als kennelijk ongegrond beoordeeld. De Afdeling bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de asielaanvraag niet-ontvankelijk is.