ECLI:NL:RVS:2017:1594
Raad van State
- Hoger beroep
- S.F.M. Wortmann
- W. Sorgdrager
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor woningbouwproject aan Crispijnstraat Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 19 februari 2016 een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van 13 grondgebonden woningen en de verbouwing van een kantoor tot woning aan de Crispijnstraat 72-74 te Den Haag. Appellant, wonend tegenover het project, maakte bezwaar tegen deze vergunning en stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die het beroep ongegrond verklaarde.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State, stellende dat onder meer het aanvraagformulier niet ter inzage was gelegd, de ruimtelijke onderbouwing onvolledig was, de zienswijze niet aan de gemeenteraad was doorgezonden, het advies van de welstandscommissie gebrekkig was, en dat cultuurhistorische waarden onvoldoende waren meegewogen. Ook voerde appellant aan dat de financiële haalbaarheid van alternatieven niet was onderzocht en dat de verkeersveiligheid onvoldoende was beoordeeld.
De Raad van State oordeelde dat het college en de rechtbank de procedurele en inhoudelijke aspecten zorgvuldig hadden gewogen. Het niet digitaal ter inzage leggen van het aanvraagformulier werd met toepassing van artikel 6:22 Awb Pro gepasseerd, omdat het formulier digitaal raadpleegbaar was en belanghebbenden niet waren benadeeld. De gemeenteraad was op de hoogte van de aanpassingen in de ruimtelijke onderbouwing en de verklaring van geen bedenkingen was terecht afgegeven. De zienswijze van appellant was alsnog mondeling ingebracht bij de gemeenteraad, waardoor geen sprake was van benadeling.
Verder werd geoordeeld dat het welstandsadvies voldoende gemotiveerd was, dat cultuurhistorische waarden niet aan de vergunningverlening in de weg stonden, dat alternatieven niet haalbaar waren gebleken, en dat de verkeersveiligheid adequaat was beoordeeld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.