ECLI:NL:RVS:2017:174
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtmatigheid omgevingsvergunning voor woningbouw te Akersloot
Het college van burgemeester en wethouders van Castricum verleende op 9 juli 2015 een omgevingsvergunning aan een vergunninghouder voor de bouw van een woning op een perceel te Akersloot. De appellant, wonende nabij het bouwperceel, maakte bezwaar tegen deze vergunning, stellende dat de bouw zou leiden tot verslechtering van zijn woon- en leefklimaat.
De rechtbank Noord-Holland verklaarde het beroep van de appellant ongegrond, stellende dat het bouwplan voldoet aan het bestemmingsplan, het Bouwbesluit 2012, de Bouwverordening Castricum 2012 en de redelijke eisen van welstand. Het hoger beroep richtte zich op de rechtmatigheid van de vergunning, waarbij de Raad van State oordeelde dat nieuwe bezwaren die niet eerder bij de rechtbank waren aangevoerd buiten beschouwing moesten blijven.
De Raad van State bevestigde dat geen weigeringsgronden als bedoeld in artikel 2.10, eerste lid, Wabo aanwezig zijn en dat de vergunning terecht is verleend. Daarnaast zijn niet alle aangevoerde klachten, zoals over nutsvoorzieningen en bouwafwijkingen, aan de orde in deze procedure omdat deze niet binnen de vergunningprocedure vallen of omgevingsvergunningvrij kunnen zijn.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning voor de woningbouw bevestigd.