ECLI:NL:RVS:2017:184
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Helder
- B.P.M. van Ravels
- B.J. Schueler
- Rechtspraak.nl
Vernietiging last dwangsom gebruik bouwwerken theetuin wegens overgangsrecht
Het geschil betreft het gebruik van een theetuin op een perceel in Hazerswoude-Dorp. Het college van burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn had een verzoek tot handhavend optreden tegen de exploitatie van de theetuin afgewezen, waarna bezwaar en beroep werden ingesteld. De rechtbank verklaarde het beroep van omwonenden gegrond en het college legde vervolgens een last onder dwangsom op om het gebruik van bouwwerken en buitenruimte te beperken.
Appellant stelde dat het gebruik van een kas van 180 m2 onder het overgangsrecht viel en dat de dwangsom ten onrechte was opgelegd. De Afdeling oordeelde dat de brief van 18 juni 2008 onderdeel uitmaakt van het vrijstellingsbesluit en dat het college onvoldoende had onderzocht in hoeverre het gebruik van de kas onder het overgangsrecht valt. Hierdoor was de last onder dwangsom ten aanzien van de bouwwerken onterecht.
Ten aanzien van de buitenruimte stelde appellant dat het gebruik van 3.500 m2 was toegestaan, maar de Afdeling stelde vast dat de dwangsom alleen betrekking had op de oppervlakte van tafels en stoelen, maximaal 115 m2, en dat bezoekers vrij door de tuin mogen lopen. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het besluit van het college vernietigd voor zover het de dwangsom op de bouwwerken betreft.
Uitkomst: De last onder dwangsom voor het gebruik van bestaande bouwwerken wordt vernietigd omdat dit gebruik onder het overgangsrecht valt.