ECLI:NL:RVS:2017:1846
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning met sloopverplichting voor bedrijfswoning in strijd met bestemmingsplan
Appellant heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het vergroten en veranderen van zijn bedrijfswoning te Hoevelaken. Het college verleende deze vergunning met een voorschrift dat een deel van de reeds verbouwde woning gesloopt moest worden om overschrijding van de maximale inhoud volgens het bestemmingsplan te voorkomen.
Appellant stelde dat hij gerechtvaardigd mocht vertrouwen op vergunningvrij bouwen van het te slopen gedeelte en dat het college de vergunning niet mocht verbinden aan een sloopverplichting, omdat dit de grondslag van de aanvraag zou verlaten. De rechtbank verwierp deze stellingen en verklaarde het beroep ongegrond.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat geen sprake was van een gerechtvaardigde verwachting omtrent vergunningvrij bouwen, mede omdat de woning oorspronkelijk zonder vergunning was gebouwd en de uitbreiding daarom vergunningplichtig is. Tevens is het college bevoegd om een sloopvoorwaarde te verbinden aan de vergunning om strijd met het bestemmingsplan te voorkomen.
Het college heeft de feitelijke situatie betrokken bij de beoordeling en de sloopverplichting is noodzakelijk om de maximale inhoud van de woning niet te overschrijden. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de vergunning met sloopverplichting bevestigd.