ECLI:NL:RVS:2017:1982
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asielzaak
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke bij besluit van 23 december 2016 door de staatssecretaris werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het daarop ingestelde beroep op 21 juni 2017 ongegrond. De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat het verzoek om niet uitgezet te worden en om opvang en verstrekkingen gedurende de periode van het hoger beroep toewijsbaar was, mede gelet op een eerdere uitspraak van 20 december 2016. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
De uitspraak werd gedaan door mr. G. van der Wiel, voorzieningenrechter, op 20 juli 2017. De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is afgerond en ontvangt opvang en verstrekkingen conform de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.