ECLI:NL:RVS:2017:2012
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldhulpverlening wegens schending inlichtingenplicht bevestigd
Het college van burgemeester en wethouders van Leiden beëindigde de schuldhulpverlening aan appellant vanwege het niet tijdig melden van extra inkomsten en het niet verstrekken van volledige informatie over zijn financiële situatie en bestuursfunctie bij een stichting. De rechtbank vernietigde een eerder besluit wegens motiveringsgebrek, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand.
Appellant voerde aan dat hij de inlichtingenplicht niet had geschonden en dat de kasstortingen afkomstig waren van zijn kinderen, die hij financieel ondersteunde. Ook stelde hij dat zijn bestuursfunctie bij een vrijwilligersstichting bekend was bij het college. De Raad van State oordeelde echter dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt wat de herkomst van de kasstortingen was en dat hij zijn bestuursfunctie niet had gemeld zoals vereist. Daarnaast was er sprake van financiële verstrengeling tussen privé- en stichtingfinanciën.
Gelet op deze feiten en de toepasselijke beleidsregels concludeerde de Afdeling bestuursrechtspraak dat de beëindiging van de schuldhulpverlening terecht was en bevestigde zij het bestreden vonnis. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de beëindiging van de schuldhulpverlening wegens schending van de inlichtingenplicht.