ECLI:NL:RVS:2017:2140
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming in planschade door planologische wijziging
Appellant heeft een aanvraag ingediend voor een tegemoetkoming in planschade vanwege een waardedaling van zijn woning door een nieuw bestemmingsplan. Het college wees deze aanvraag af op basis van een advies van Van der Poel, die een geringe waardedaling vaststelde die onder het normale maatschappelijke risico valt.
Appellant stelde zich op het standpunt dat de waardedaling groter was en overlegde een rapport van Langhout, dat een hogere waardedaling constateerde. Het college handhaafde het besluit na een reactie van Van der Poel, die het rapport van Langhout onvoldoende gemotiveerd achtte.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dit oordeel. De Afdeling oordeelt dat de waardering van onroerende zaken terughoudend moet worden getoetst en dat het college zich redelijk op het deskundigenadvies mocht baseren. Het verschil tussen de taxaties van Van der Poel en Langhout berust op verschillen in waardering en onderbouwing, waarbij het rapport van Langhout onvoldoende concrete gegevens bevat.
De Afdeling ziet geen aanleiding voor het benoemen van een onafhankelijke deskundige en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming in planschade bevestigd.