ECLI:NL:RVS:2017:2153
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- B.P.M. van Ravels
- B.J. Schueler
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over tegemoetkoming in planschade bij planologische wijziging bedrijfsperceel Someren
Appellant is eigenaar van een bedrijfsperceel in Someren waarop een garageherstelinrichting en takel- en bergingsactiviteiten worden uitgevoerd. Het bestemmingsplan "Waterdael III" wijzigde de bestemming van het perceel grotendeels naar wonen, waardoor de gebruiksmogelijkheden voor het bedrijf zijn beperkt. Het college kende een tegemoetkoming in planschade toe voor directe schade, maar weigerde vergoeding voor indirecte schade.
De rechtbank oordeelde dat het college het reparatieplan niet als toereikende compensatie in natura mocht beschouwen, omdat daarin de takel- en bergingsactiviteiten niet positief waren bestemd. Het college moest de directe planschade op geld waarderen. Het college stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, maar de Afdeling bevestigde dat het reparatieplan onvoldoende compensatie biedt en dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom uitbreiding van het bedrijf niet mogelijk zou zijn.
Daarnaast werd het beroep van appellant verworpen dat het recht op een benzineverkooppunt op het perceel zou zijn behouden. De Afdeling oordeelde dat het bestemmingsplan dit niet toestaat en dat het college terecht deze exploitatiemogelijkheid buiten beschouwing liet bij de planschadevergoeding.
De Afdeling verklaarde de hoger beroepen van appellant en college ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt dat het college de directe planschade op geld moet waarderen en verklaart de hoger beroepen ongegrond.