ECLI:NL:RVS:2017:2267
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan De Purmer 2016 voor wijzigingsbevoegdheid woningbouw langs Westerweg
De raad van de gemeente Purmerend stelde op 27 oktober 2016 het bestemmingsplan 'De Purmer 2016' vast, dat onder meer regels bevatte voor de woonwijken Purmer-Noord, Purmer-Zuid en het landelijk gebied bij de Westerweg. Appellanten voerden beroep aan tegen het plan. [Appellant sub 1] wilde een atelier op een perceel verbouwen tot woning, hetgeen het plan niet toestond. De Afdeling oordeelde dat de raad zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat het toestaan van een woning aldaar niet in overeenstemming was met een goede ruimtelijke ordening vanwege het bijzondere karakter van de Westerweg en risico op verdichting.
[Appellant sub 2] richtte zich tegen de wijzigingsbevoegdheid in het plan die het mogelijk maakt om maximaal twee woningen te realiseren op bepaalde percelen langs de Westerweg. De Afdeling stelde vast dat de raad onvoldoende had gemotiveerd waarom woningbouw op deze gronden ruimtelijk aanvaardbaar is, vooral gezien het uitgangspunt om verdichting te voorkomen en het risico van tweedelijns bebouwing. Dit onderdeel van het plan werd vernietigd wegens strijd met de zorgvuldigheid.
Verder werd een kennelijke verschrijving in de planregels vastgesteld, maar dit leidde niet tot strijd met rechtszekerheid. Het beroep van [appellant sub 1] werd ongegrond verklaard. De raad werd opgedragen het vernietigde onderdeel binnen vier weken elektronisch te verwerken en werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan [appellant sub 2].
Uitkomst: Het bestemmingsplan wordt vernietigd voor de wijzigingsbevoegdheid woningbouw, het overige wordt gehandhaafd; de gemeente wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.