ECLI:NL:RVS:2017:2319
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.E.M. Polak
- B.P. Vermeulen
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging exploitatieverbod kindercentrum wegens onvoldoende waarborging veiligheid en angstcultuur
Het college van burgemeester en wethouders van Venray legde op 5 februari 2014 een exploitatieverbod op voor kindercentrum De Nissehoff, geëxploiteerd door appellante A, vanwege ernstige tekortkomingen in de veiligheid en het functioneren van het centrum. Na diverse bezwaar- en beroepsprocedures stelde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vast dat het college het besluit van 18 juli 2016, waarin het exploitatieverbod werd gehandhaafd, zorgvuldig had voorbereid en voldoende had gemotiveerd.
Het college baseerde zich op inspectierapporten van de GGD Limburg-Noord en verklaringen van politie-inspecteurs die een angst- en zwijgcultuur onder het personeel en een onveilige situatie voor de kinderen vaststelden. Ondanks het locatieverbod bleef appellante A invloed uitoefenen en intimideerde zij het personeel, wat leidde tot een verslechtering van de situatie. Meldingen van verbaal en fysiek geweld werden pas na het locatieverbod gedaan, wat de ernst van de situatie bevestigde.
Appellanten voerden aan dat het exploitatieverbod onterecht was en dat het college onvoldoende onderzoek had gedaan, met name door de assistent-leidinggevende niet te horen. De Afdeling oordeelde dat het college niet verplicht was haar te horen en dat het onderzoek voldoende zorgvuldig was. Ook was het college niet gebonden aan eerdere verklaringen dat een locatieverbod voldoende zou zijn.
De Afdeling concludeerde dat het exploitatieverbod gerechtvaardigd was vanwege de ernstige tekortkomingen in het pedagogisch klimaat, de veiligheid en de ouderbetrokkenheid. Het beroep werd ongegrond verklaard en het exploitatieverbod gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen het exploitatieverbod voor kindercentrum De Nissehoff wordt ongegrond verklaard en het verbod bevestigd.