ECLI:NL:RVS:2017:2353
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- H.G. Sevenster
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van subsidiebesluit agrarisch natuurbeheer na correctie perceelsoppervlakte
De zaak betreft een geschil over de hoogte van de subsidie voor agrarisch natuurbeheer over het beheerjaar 2014, waarbij appellant bezwaar maakte tegen de door het college vastgestelde oppervlakte van 2,04 ha in plaats van de door hem opgegeven 2,16 ha.
Het college baseerde de subsidie op de oppervlakte uit het perceelsregister, ondersteund door luchtfoto's en een controle van de NVWA die struikgewas op een deel van het perceel constateerde, waardoor dat deel niet als landbouwgrond werd aangemerkt. Appellant voerde aan dat de oppervlakte groter was, onderbouwd met een GPS-meting en teledetectierapportage, maar deze hadden betrekking op een ander jaar of boden onvoldoende bewijs.
De rechtbank oordeelde dat het college terecht de oppervlakte had vastgesteld op 2,04 ha en de subsidie daarop had gebaseerd. De Raad van State bevestigt dit oordeel, verwijzend naar Europese regelgeving die bepaalt dat alleen de werkelijk gebruikte landbouwgrond subsidiabel is en dat het college het juiste controlemechanisme heeft toegepast.
De Raad concludeert dat appellant niet heeft voldaan aan de verplichting om botanisch hooiland in stand te houden op de volledige 2,16 ha en dat het college de subsidie correct heeft aangepast. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de subsidie wordt bevestigd op basis van een oppervlakte van 2,04 ha.