ECLI:NL:RVS:2017:2962
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Th.C. van Sloten
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen last onder bestuursdwang wegens overtreding Wet bodembescherming
Het college van burgemeester en wethouders van Tytsjerksteradiel legde op 24 april 2015 een last onder bestuursdwang op aan de stichting wegens overtreding van artikel 13 van Pro de Wet bodembescherming. Dit volgde op een controle en een indicatief bodemonderzoek dat een sterk verhoogd loodgehalte in de ophooglaag van het perceel aantoonde.
De stichting voerde aan dat het bodemonderzoek onbetrouwbaar was, dat het verhoogde loodgehalte mogelijk door bemesting was veroorzaakt en dat zij niet verantwoordelijk kon worden gehouden omdat zij niet de opdracht tot ophoging had gegeven. Het college stelde dat de stichting als eigenaar verantwoordelijk was, omdat het ophogen met medeweten van de stichting had plaatsgevonden.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college terecht uitging van het bodemonderzoek en dat het ophogen een handeling was als bedoeld in de Wet bodembescherming waarbij de zorgplicht was geschonden. De stichting kon hiervoor worden aangesproken als eigenaar. Het college had bevoegdheid om handhavend op te treden en het opleggen van de last onder bestuursdwang was niet prematuur of willekeurig.
Het beroep van de stichting werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de stichting tegen de last onder bestuursdwang wegens overtreding van artikel 13 Wet bodembescherming wordt ongegrond verklaard.