ECLI:NL:RVS:2017:3174
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar tegen inspraakprocedure Winkeltijdenverordening
Op 19 november 2014 stelde de gemeenteraad van Bodegraven-Reeuwijk de Winkeltijdenverordening 2015 vast, waarin onder meer de uitbreiding van koopzondagen en zondagopenstelling van supermarkten was geregeld. Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het college om geen schriftelijke inspraakprocedure te volgen voorafgaand aan deze vaststelling.
Het college verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk en de rechtbank bevestigde dit oordeel, stellende dat de beslissing geen rechtstreeks belang van appellant raakte. Appellant stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat appellant wel degelijk belanghebbende is bij de beoordeling van het hoger beroep en dat de rechtbank ten onrechte het college als bevoegd orgaan had aangemerkt in plaats van de gemeenteraad. De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, verklaarde het beroep gegrond en bepaalde dat voor de gemeenteraad geen verplichting bestond een inspraakprocedure te volgen.
Daarnaast werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van appellant. De uitspraak vervangt het vernietigde besluit en sluit het geschil af.
Uitkomst: De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.