ECLI:NL:RVS:2017:3176
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asielzaak
De vreemdeling had bij besluit van 10 maart 2017 een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, welke door de staatssecretaris werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze afwijzing op 2 oktober 2017 ongegrond. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 17 november 2017 geoordeeld dat het verzoek om een voorlopige voorziening toewijsbaar is. Dit betekent dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt. Tevens is bepaald dat de staatssecretaris de proceskosten van de vreemdeling, ter hoogte van €495,00, moet vergoeden.
De uitspraak volgt eerdere jurisprudentie, waaronder een uitspraak van 20 december 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:3350), en bevestigt het belang van het voorkomen van uitzetting tijdens de procedure. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter G. van der Wiel in aanwezigheid van griffier S. Yildiz.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.