ECLI:NL:RVS:2017:519
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing hoger beroep tegen niet tijdig besluit asielaanvraag
De rechtbank Den Haag had het beroep van de vreemdeling tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag gegrond verklaard en vastgesteld dat de staatssecretaris een dwangsom had verbeurd. De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat de rechtsvraag over het verlengen van de beslistermijn en de kennisgeving daarvan reeds was beantwoord in een eerdere uitspraak (ECLI:NL:RVS:2016:3232) en dat deze overwegingen ook op deze zaak van toepassing zijn. Het hoger beroep werd daarom kennelijk gegrond verklaard.
De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en de zaak werd terugverwezen naar de rechtbank voor verdere behandeling en beslissing. De vreemdeling voerde geen gronden aan tegen de uitspraak van de rechtbank, maar reageerde alleen op de grieven van de staatssecretaris, waardoor het stuk niet als incidenteel hoger beroep werd aangemerkt.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door lid van de enkelvoudige kamer H.G. Lubberdink in aanwezigheid van griffier J.W. Prins.
Uitkomst: Hoger beroep gegrond verklaard, uitspraak rechtbank vernietigd en zaak terugverwezen.