ECLI:NL:RVS:2017:719
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank wegens onterecht verbeurde dwangsom in asielprocedure
De vreemdeling had beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en stelde vast dat de staatssecretaris een dwangsom had verbeurd. Tevens werd de staatssecretaris opgedragen alsnog een besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de beslistermijn was overschreden en dat daardoor een dwangsom was verbeurd. Dit oordeel was gebaseerd op eerdere jurisprudentie over de verlenging van beslistermijnen en de kennisgeving daarvan.
Het voorwaardelijk incidenteel hoger beroep van de vreemdeling werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het geen gegronde grief bevatte. De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en wees de zaak terug aan de rechtbank om te oordelen over het inmiddels door de staatssecretaris genomen besluit op de asielaanvraag.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak op 15 maart 2017.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank voor beoordeling van het genomen besluit.