ECLI:NL:RVS:2018:1079
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen intrekking verblijfsvergunning en inreisverbod
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid had de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd van de vreemdeling ingetrokken en een inreisverbod van vijf jaar opgelegd. Na bezwaar werd het inreisverbod verkort tot twee jaar. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarbij de staatssecretaris werd opgedragen binnen zes weken na gezag van gewijsde een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om uitvoering van de uitspraak van de rechtbank op te schorten. De voorzieningenrechter oordeelde dat de staatssecretaris nog geen verplichting had een nieuw besluit te nemen zolang het hoger beroep loopt, en dat er geen spoedeisend belang was voor de voorlopige voorziening.
Daarom werd het verzoek afgewezen en werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de vreemdeling. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter J.Th. Drop op 29 maart 2018.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.