ECLI:NL:RVS:2018:1170
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- A.B.M. Hent
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtmatigheid afwijzing verblijfsvergunning wegens incomplete medische gegevens
De staatssecretaris heeft een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd afgewezen omdat niet alle gevraagde medische gegevens van de oogarts waren overgelegd. De vreemdeling had bezwaar gemaakt, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank stelde het beroep van de vreemdeling tegen deze besluiten alsnog gegrond en vernietigde het besluit.
De staatssecretaris ging in hoger beroep en betoogde dat het beleid vereist dat medische gegevens van alle behandelaars moeten worden overgelegd voordat het Bureau Medische Advisering (BMA) om advies wordt gevraagd. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank dit beleid niet juist had toegepast. Het BMA mag niet om advies worden gevraagd als niet alle relevante medische gegevens zijn ingediend, ook als de vreemdeling meerdere behandelaars heeft.
De Afdeling vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Daarnaast werd geoordeeld dat het horen van de vreemdeling in bezwaar niet noodzakelijk was omdat redelijkerwijs geen andersluidend besluit te verwachten was. De staatssecretaris had terecht vastgesteld dat de medische informatie van de oogarts onvolledig was, ondanks dat een deel van de vragen was beantwoord.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak bevestigt het belang van volledige medische documentatie bij aanvragen om verblijfsvergunningen op medische gronden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd wegens het niet overleggen van volledige medische gegevens.