ECLI:NL:RVS:2018:135
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen huisnummerwijziging na splitsing pand
Het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn heeft op 9 juli 2008 een nieuw huisnummer toegekend aan een pand dat was gesplitst in twee objecten. Appellant, eigenaar van een aangrenzend perceel, maakte bezwaar tegen dit besluit. Het college verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk vanwege het overschrijden van de bezwaartermijn. De rechtbank Gelderland verklaarde het beroep ongegrond en appellant stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of appellant tijdig bezwaar had gemaakt. De Raad van State oordeelde dat het besluit gericht was aan de aanvrager en niet aan appellant, die daardoor niet als belanghebbende in de zin van artikel 3:41 Awb Pro gold voor de bekendmaking. Appellant was niet binnen de wettelijke termijn van zes weken na bekendmaking van het besluit in bezwaar gekomen.
Hoewel appellant pas in 2012 via een e-mail van de gemeente over de splitsing en nummering werd geïnformeerd, was dit het moment waarop hij van het besluit op de hoogte was en vanaf dat moment diende hij binnen twee weken bezwaar te maken. Zijn bezwaar van november 2015 was derhalve te laat. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar bevestigd.