ECLI:NL:RVS:2018:1430
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vreemdeling niet-ontvankelijk verklaard in asielaanvraag wegens gebrek aan nieuwe feiten
De vreemdeling, van Afghaanse nationaliteit, heeft meerdere asielaanvragen ingediend, waarbij zij stelde dat zij als alleenstaande vrouw bescherming behoeft vanwege haar geheime huwelijk en latere echtscheiding. De staatssecretaris heeft haar aanvragen steeds afgewezen, waarbij hij het bestaan van het geheime huwelijk en de status als alleenstaande vrouw niet aannemelijk achtte.
De rechtbank had in eerste aanleg het besluit van niet-ontvankelijkverklaring van 26 juni 2017 vernietigd en geoordeeld dat de vreemdeling als alleenstaande vrouw moet worden beschouwd op basis van een echtscheidingsbeschikking. De staatssecretaris stelde hoger beroep in, stellende dat de rechtbank ten onrechte de echtscheidingsbeschikking als nieuw feit (novum) had aangemerkt en dat het eerdere oordeel over het niet-voltrokkene huwelijk met de neef onherroepelijk was.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de echtscheidingsbeschikking geen nieuw feit oplevert dat het eerdere oordeel kan doorbreken, mede omdat de vreemdeling onvoldoende bewijs heeft geleverd dat het huwelijk met de persoon uit het huwelijk daadwerkelijk heeft bestaan. Ook medische rapporten zijn geen novum. De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag blijft in stand.