ECLI:NL:RVS:2018:1507
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asielzaak
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 21 augustus 2017 het verzoek van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het daarop ingestelde beroep op 16 maart 2018 ongegrond. De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat de vreemdeling niet uitgezet mag worden zolang het hoger beroep loopt en dat hij gedurende die periode opvang en verstrekkingen moet ontvangen conform de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers. Dit verzoek werd toegewezen, mede gelet op eerdere jurisprudentie van de Raad van State.
Daarnaast werd de staatssecretaris veroordeeld tot het vergoeden van de proceskosten van de vreemdeling, vastgesteld op € 501,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd op 7 mei 2018 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en krijgt recht op opvang en proceskostenvergoeding.