ECLI:NL:RVS:2018:2050
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken actueel en reëel belang bij handhaving coniferen
Appellant heeft het college verzocht handhavend op te treden tegen de aanwezigheid van coniferen aan de westkant van een perceel in Staphorst. Het college wees dit verzoek af omdat de coniferen niet in strijd waren met het bestemmingsplan. De rechtbank oordeelde echter dat de coniferen in strijd waren met het bestemmingsplan en vernietigde het besluit van het college, waarna appellant hoger beroep instelde.
Tijdens de behandeling van het hoger beroep bleek dat de coniferen inmiddels zijn verwijderd, waardoor de vraag rees of appellant nog wel procesbelang had bij het hoger beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat een bestuursrechter alleen inhoudelijk mag oordelen als er een actueel en reëel belang is. Het verzoek tot handhaving betrof specifiek de inmiddels verwijderde coniferen en niet de beplanting in het algemeen.
Appellant stelde dat er belang was omdat mogelijk andere beplanting zou worden aangebracht, maar dit werd als een toekomstige en onzekere situatie beoordeeld. Bovendien had appellant geen schade gesteld. Daarom ontbrak het aan een actueel en reëel belang, waardoor het hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een actueel en reëel belang.