ECLI:NL:RVS:2018:2237
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.E.M. Polak
- S.J.E. Horstink-von Meyenfeldt
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen bestemmingsplan spoorverdubbeling Emmen-Zuid
De raad van de gemeente Emmen stelde op 24 mei 2017 het bestemmingsplan "Emmen, Delftlanden station Emmen-zuid" vast, waarin de verdubbeling van het spoor en de bouw van een tweede perron bij station Emmen-Zuid mogelijk worden gemaakt. Bewoners van de Tortelduif en Sierduif, verenigd in de Wijkvereniging Rietlanden, stelden beroep in vanwege zorgen over geluid- en trillinghinder en de locatiekeuze van het spoor.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het beroep ontvankelijk was en dat de raad zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat het plan in het belang van een goede ruimtelijke ordening was vastgesteld. De Afdeling stelde vast dat de afstand tussen spoor en woningen voldoende was, dat het vertrouwensbeginsel niet was geschonden en dat de raad de alternatieven zorgvuldig had onderzocht en gemotiveerd had gekozen voor de basisvariant.
Ten aanzien van geluidhinder concludeerde de Afdeling dat de geluidproductieplafonds niet worden overschreden en dat het akoestisch onderzoek van Movares betrouwbaar was. Ook de vermeende trillinghinder werd als niet onaanvaardbaar beoordeeld, mede omdat mogelijke maatregelen niet kosteneffectief waren. Het woon- en leefklimaat blijft aanvaardbaar. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan spoorverdubbeling Emmen-Zuid wordt ongegrond verklaard.