ECLI:NL:RVS:2018:226
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van vergunning voor één woning in bedrijfshal te Dronten
Het college van burgemeester en wethouders van Dronten heeft op 14 juni 2016 medegedeeld dat van rechtswege een omgevingsvergunning is verleend voor het wijzigen van een woning in een bedrijfshal op een perceel te Dronten. De appellant betwistte dat de vergunning slechts voor één woning geldt, omdat er feitelijk twee woningen in de bedrijfshal zijn gerealiseerd. De rechtbank Midden-Nederland verklaarde het beroep van appellant ongegrond en stelde vast dat uit de aanvraag en bouwtekeningen onvoldoende blijkt dat de vergunning betrekking heeft op twee woningen.
In hoger beroep voerde appellant aan dat uit het aanvraagformulier, de koopovereenkomst en correspondentie met het college blijkt dat de vergunning voor twee woningen zou zijn aangevraagd. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde echter dat de aanvraag, inclusief bouwtekeningen en gebruiksoppervlakte, slechts betrekking heeft op één woning. De vermelding van "fase 2" en het ontbreken van een indeling voor de tweede woning duiden erop dat deze niet deel uitmaakt van de aanvraag.
De Raad van State overwoog verder dat het toekennen van verschillende huisnummers en andere administratieve besluiten niet leiden tot een andere conclusie over de vergunning. Ook het bestemmingsplan en de koopovereenkomst zijn niet relevant voor de vraag of één of twee woningen zijn aangevraagd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de vergunning voor één woning bevestigd.