ECLI:NL:RVS:2018:2304
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verklaring van geen bezwaar voor platformmedewerker vanwege drugsovertreding
Appellant werd door zijn werkgever aangemeld voor een veiligheidsonderzoek in verband met een vertrouwensfunctie als platformmedewerker bij KLM Ground Services op Schiphol. De minister weigerde op 26 mei 2016 een verklaring van geen bezwaar (VGB) af te geven vanwege een recente veroordeling voor het medeplegen van het opzettelijk aanwezig hebben van 2000 gram hennep. Appellant maakte bezwaar, dat werd afgewezen door de minister en de rechtbank.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank. De minister mocht op grond van de Wet veiligheidsonderzoeken en de Beleidsregel vertrouwensfuncties en veiligheidsonderzoeken op burgerluchthavens het besluit baseren op het feit dat appellant onvoldoende waarborgen bood om de vertrouwensfunctie getrouwelijk te vervullen, mede vanwege de zwaarte en recentheid van het strafbare feit en het kwetsbare beveiligde gebied van Schiphol.
Appellant voerde aan dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn leeftijd, de aard van het delict en de opgelegde straf, maar dit werd verworpen. Het belang van de nationale veiligheid weegt zwaarder dan persoonlijke belangen bij het vervullen van een vertrouwensfunctie. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de verklaring van geen bezwaar vanwege onvoldoende waarborgen voor de vertrouwensfunctie.