ECLI:NL:RVS:2018:2468
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid Raad van State bij hoger beroep tegen niet tijdig besluit verblijfsvergunning asiel
De rechtbank heeft op 31 mei 2018 geoordeeld dat de staatssecretaris niet tijdig heeft beslist op aanvragen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Hierdoor werd een dwangsom van €7.560,00 opgelegd en werd de staatssecretaris verplicht binnen twee weken alsnog een besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft echter geoordeeld dat zij niet bevoegd is om kennis te nemen van het hoger beroep, omdat het betreffende besluit een uitspraak betreft waarop geen hoger beroep openstaat, maar slechts verzet.
Daarom wees de Raad van State het verzoek om voorlopige voorziening af en verklaarde zij zich onbevoegd. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter H. Troostwijk op 18 juli 2018.
Uitkomst: De Raad van State verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.