ECLI:NL:RVS:2018:2530
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank wegens niet vergoeden proceskosten in vreemdelingenzaak
De staatssecretaris verklaarde een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet-ontvankelijk en vaardigde een inreisverbod uit. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, maar wees de proceskostenvergoeding af ondanks een erkend gebrek in het besluit.
De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte geen proceskostenveroordeling oplegde aan de staatssecretaris, terwijl de termijn voor het indienen van een zienswijze onrechtmatig kort was.
De Raad van State vernietigde daarom dat deel van de uitspraak en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van €1.503, toe te rekenen aan professionele rechtsbijstand. Het overige deel van de uitspraak werd bevestigd.
Deze uitspraak benadrukt het belang van een correcte proceskostenveroordeling bij bestuursrechtelijke procedures in vreemdelingenzaken, vooral wanneer sprake is van procedurele tekortkomingen door het bestuursorgaan.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het deel van de uitspraak waarin geen proceskostenvergoeding werd toegekend en veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van €1.503 aan proceskosten.