ECLI:NL:RVS:2018:256
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asielprocedure
De staatssecretaris heeft op 21 november 2017 de aanvraag van de vreemdeling voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De rechtbank Den Haag heeft dit besluit op 28 december 2017 vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het besluit in stand gelaten. De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening toegewezen, waardoor de vreemdeling niet wordt uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist. Tevens is de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 501,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De uitspraak is gedaan op 24 januari 2018 door de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, waarbij de belangen van de vreemdeling in het kader van de asielprocedure en de opvang zijn meegewogen.
Uitkomst: De vreemdeling wordt niet uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.